(1) Veel steden hebben een rechthoekig schaak- of dambordpatroon, dat wil zeggen dat de straten loodrecht op elkaar zijn aangelegd. Men spreekt ook wel van het hippodamische systeem, naar de Griekse architect en stedenbouwkundige Hippodamus van Milete uit de vijfde eeuw v. Chr., die dit systeem voor het eerst op grote schaal heeft toegepast. Tegenwoordig wordt ook vaak de Engelse term grid gebruikt. Vóór Milete werd deze structuur al toegepast in Klein-Azië en Mesopotamië, evenals tijdens de Chinese oudheid in China. (2) In het hippodamische systeem groeit een stad niet geleidelijk zonder plan (zoals oude Griekse steden vaak rondom een acropolis* ontstonden), maar wordt hij planmatig aangelegd met straten die elkaar recht kruisen. Deze straten verdelen de stad in huizenblokken van gelijke grootte. Op centrale plaatsen wordt een aantal huizenblokken uitgespaard voor de markt (forum) en de openbare gebouwen. Hippodamus leerde waarschijnlijk de planmatige stadsaanleg kennen rond 495 v. Chr., doordat toen zijn geboortestad Milete na de verwoesting door de Perzen opnieuw werd opgebouwd. Vervolgens was hij zelf actief bij de stadsaanleg van Piraeus en Thurii. In de hellenistische tijd (ca. 330-30 v. Chr) kwam er meer verschil tussen brede hoofdstraten en smallere secundaire straten. Het castra-model (3) De Romeinen gebruikten bij de aanleg van nieuwe steden een vergelijkbaar systeem, dat gebaseerd was op de manier waarop ze hun legerkampen (castra) aanlegden. Dit systeem wordt daarom het castramodel genoemd. De Romeinen pasten dit systeem toe bij de coloniae die zij vanaf de derde eeuw v.Chr. nieuw aanlegden. Uitgangspunt vormt een assenstelsel van een noord-zuidstraat, de cardo (Latijn voor ‘as’), en een langere oost-weststraat, de decumanus. Bij het kruispunt van deze straten lagen de markt en andere centrale voorzieningen. Parallel aan de cardo en de decumanus werden andere straten aangelegd, waardoor de stad volgens het schaakbordpatroon in gelijke huizenblokken werd verdeeld. (4) Een van de best bewaarde voorbeelden van een Romeinse stad die volgens het castramodel is aangelegd, is Timgad in Algerije. Vaak is ook in moderne plaatsen met een Romeinse oorsprong het schaakbordpatroon nog terug te vinden, zoals in de Italiaanse plaatsen Aosta en Lucca. Ook in het Duitse Xanten, waar de Romeinse plaats Colonia Ulpia Traiana gedeeltelijk is opgegraven en herbouwd, is hetzelfde patroon te zien.Polders (5) Het van de Romeinen overgenomen castramodel werd in Nederland ook toegepast in drooggemalen polders voor de planning van wegen en de indeling in percelen. Het eerst werd dit gedaan in de Beemster, die in 1612 werd drooggemalen. De polder heeft een schaakbordpatroon van wegen, met twee hoofdwegen (zoals bij de Romeinen de cardo en de decumanus) en op de kruising daarvan de hoofdplaats Middenbeemster (zoals bij de Romeinen het forum). Een ander voorbeeld is de Haarlemmermeer (1852), met Hoofddorp als centrale plaats. (6) Ook in de aanleg van moderne steden is het schaakbordpatroon vaak te vinden. De oude binnenstad van het Duitse Mannheim is opgedeeld in regelmatige Quadrate, die genummerd werden met letters en cijfers. In de stad New York kreeg Manhattan in het begin van de negentiende eeuw een nieuw stadsplan, waarbij de avenues van noord naar zuid liepen en de streets van oost naar west. Deze kregen allemaal een nummer. Ook de wijk Eixample in Barcelona is aan het eind van de negentiende eeuw gebouwd met huizenblokken van gelijke grootte en elkaar loodrecht kruisende straten. Slakkenhuis (7) In het Zuid-Franse Valbonne werd de structuur van het schaakbord door monniken geïntroduceerd om te voorkomen dat er ‘trek’ ontstond bij wind, waardoor de kans op verbranding van de hele stad sterk werd verminderd. Veel bergstadjes werden namelijk gebouwd in de vorm van een slakkenhuis, bijvoorbeeld het Zuid-Franse stadje Mougins, ten noorden van Cannes. Als dan de mistral, een sterke wind, opstak, was in de hete zomer de kans op brand met desastreuze gevolgen groot, wat nog werd verergerd door het slakkenhuisvormige stratenplan van het stadje.*acropolis: hoogste punt van een stad, waar ook de burcht werd gebouwd‘Het schaakbordpatroon in de stedenbouw’, op: nl.wikipedia.org (bewerkt).Bron uitklappenAWelk gedeelte van de tekst vormt de inleiding?
Question
(1) Veel steden hebben een rechthoekig schaak- of dambordpatroon, dat wil zeggen dat de straten loodrecht op elkaar zijn aangelegd. Men spreekt ook wel van het hippodamische systeem, naar de Griekse architect en stedenbouwkundige Hippodamus van Milete uit de vijfde eeuw v. Chr., die dit systeem voor het eerst op grote schaal heeft toegepast. Tegenwoordig wordt ook vaak de Engelse term grid gebruikt. Vóór Milete werd deze structuur al toegepast in Klein-Azië en Mesopotamië, evenals tijdens de Chinese oudheid in China. (2) In het hippodamische systeem groeit een stad niet geleidelijk zonder plan (zoals oude Griekse steden vaak rondom een acropolis* ontstonden), maar wordt hij planmatig aangelegd met straten die elkaar recht kruisen. Deze straten verdelen de stad in huizenblokken van gelijke grootte. Op centrale plaatsen wordt een aantal huizenblokken uitgespaard voor de markt (forum) en de openbare gebouwen. Hippodamus leerde waarschijnlijk de planmatige stadsaanleg kennen rond 495 v. Chr., doordat toen zijn geboortestad Milete na de verwoesting door de Perzen opnieuw werd opgebouwd. Vervolgens was hij zelf actief bij de stadsaanleg van Piraeus en Thurii. In de hellenistische tijd (ca. 330-30 v. Chr) kwam er meer verschil tussen brede hoofdstraten en smallere secundaire straten. Het castra-model (3) De Romeinen gebruikten bij de aanleg van nieuwe steden een vergelijkbaar systeem, dat gebaseerd was op de manier waarop ze hun legerkampen (castra) aanlegden. Dit systeem wordt daarom het castramodel genoemd. De Romeinen pasten dit systeem toe bij de coloniae die zij vanaf de derde eeuw v.Chr. nieuw aanlegden. Uitgangspunt vormt een assenstelsel van een noord-zuidstraat, de cardo (Latijn voor ‘as’), en een langere oost-weststraat, de decumanus. Bij het kruispunt van deze straten lagen de markt en andere centrale voorzieningen. Parallel aan de cardo en de decumanus werden andere straten aangelegd, waardoor de stad volgens het schaakbordpatroon in gelijke huizenblokken werd verdeeld. (4) Een van de best bewaarde voorbeelden van een Romeinse stad die volgens het castramodel is aangelegd, is Timgad in Algerije. Vaak is ook in moderne plaatsen met een Romeinse oorsprong het schaakbordpatroon nog terug te vinden, zoals in de Italiaanse plaatsen Aosta en Lucca. Ook in het Duitse Xanten, waar de Romeinse plaats Colonia Ulpia Traiana gedeeltelijk is opgegraven en herbouwd, is hetzelfde patroon te zien.Polders (5) Het van de Romeinen overgenomen castramodel werd in Nederland ook toegepast in drooggemalen polders voor de planning van wegen en de indeling in percelen. Het eerst werd dit gedaan in de Beemster, die in 1612 werd drooggemalen. De polder heeft een schaakbordpatroon van wegen, met twee hoofdwegen (zoals bij de Romeinen de cardo en de decumanus) en op de kruising daarvan de hoofdplaats Middenbeemster (zoals bij de Romeinen het forum). Een ander voorbeeld is de Haarlemmermeer (1852), met Hoofddorp als centrale plaats. (6) Ook in de aanleg van moderne steden is het schaakbordpatroon vaak te vinden. De oude binnenstad van het Duitse Mannheim is opgedeeld in regelmatige Quadrate, die genummerd werden met letters en cijfers. In de stad New York kreeg Manhattan in het begin van de negentiende eeuw een nieuw stadsplan, waarbij de avenues van noord naar zuid liepen en de streets van oost naar west. Deze kregen allemaal een nummer. Ook de wijk Eixample in Barcelona is aan het eind van de negentiende eeuw gebouwd met huizenblokken van gelijke grootte en elkaar loodrecht kruisende straten. Slakkenhuis (7) In het Zuid-Franse Valbonne werd de structuur van het schaakbord door monniken geïntroduceerd om te voorkomen dat er ‘trek’ ontstond bij wind, waardoor de kans op verbranding van de hele stad sterk werd verminderd. Veel bergstadjes werden namelijk gebouwd in de vorm van een slakkenhuis, bijvoorbeeld het Zuid-Franse stadje Mougins, ten noorden van Cannes. Als dan de mistral, een sterke wind, opstak, was in de hete zomer de kans op brand met desastreuze gevolgen groot, wat nog werd verergerd door het slakkenhuisvormige stratenplan van het stadje.*acropolis: hoogste punt van een stad, waar ook de burcht werd gebouwd‘Het schaakbordpatroon in de stedenbouw’, op: nl.wikipedia.org (bewerkt).Bron uitklappenAWelk gedeelte van de tekst vormt de inleiding?
Solution
Het gedeelte van de tekst dat de inleiding vormt, is het eerste deel (1) waarin wordt uitgelegd wat een rechthoekig schaak- of dambordpatroon is en hoe het ook wel het hippodamische systeem wordt genoemd. Het introduceert ook de architect Hippodamus van Milete en zijn rol bij het toepassen van dit systeem in stedenbouw.
Similar Questions
Tekst 1Al dat Engels drukt maar op de Nederlandse taalvaardigheid van jongeren, een slechte zaak. Toch?Integendeel, zou ik zeggen, en de minister slaat de plank goed mis.Bron: Casper Colenbrander, (16 oktober 2019). Vergeet het Nederlands, zet in op Engelse taalvaardigheid, op: www.volkskrant.nl.Tekst 2In Nederland lopen 800.000 schapen rond, maar hun wol is waardeloos. Letterlijk, want het scheren kost meer dan de wol opbrengt.Bron: Van waardeloze wol naar trui: 'De eerlijke prijs is 400 euro', (18 oktober 2019), op: www.rtlnieuws.nl.Tekst 3Word nu lid en maak u ook sterk voor een beter milieu!Tekst 4Verwijder eerst de poten en vleugels van de sprinkhanen.Leg de sprinkhaan op een vorkje en haal deze door het beslag.Bak de insecten krokant in de olie.Bron: Gefrituurde sprinkhanen, op: duurzaaminsecteneten.nl.Tekst 5Op de brug over de Boerenwetering stond een jong stel innig verstrengeld, zoals dat heet, naar de leuning te kijken. Die leuning zat vol met love locks, van die kleine hangslotjes die geliefden in alle wereldsteden aan bruggen bevestigen.Bron: Sylvia Witteman, (14 oktober 2019). Dat ze twee jaar eerder met een ander een love lock aan de brug had gehangen, leek hem niet te deren, op: www.volkskrant.nl.AWelke van de teksten uit zijn vooral objectief?
Schrijf een korte samenvatting over jiangmen met deze eisen. Wat zijn de belangrijkste gebouwen van de stad Wat zijn toeristische trekpleisters Hoe is de stad de afgelopen jaren veranderd, vanaf 1970 tot aan nu (denk aan grootte van de stad, gebouwen, fabrieken etc) Welke bedrijven vind je in de stad? Denk aan grote merken, die een deel van hun bedrijf bijvoorbeeld in de stad hebben. Bv. fabrieken… Noem een voorbeeld van een product dat jij thuis hebt wat uit de stad komt. Via welke transportroutes gaan deze producten uit de stad, en hoe komen ze in Nederland?
Het hoofddoel van een causaal onderzoek is volgens Ghauri et al. (2020):Om een actie te rechtvaardigenOm de belangrijkste kenmerken van een reeks gegevens te beschrijvenOm de relaties tussen variabelen vast te stellenOm uitschieters in een reeks gegevens te identificeren
Tot op heden is Slaatje Praatje niet concreet bezig met impactevaluatie. Het is vaak moeilijk om de impact van het project te meten. Dit om verscheidene redenen zoals dat hard bewijs schaars is, er meerdere factoren een rol spelen, succes meerdere betekenissen kan hebben en niet alles in cijfers te vatten is. Ondanks deze moeilijkheden is impactmeting erg nuttig. Zo kan men overzicht behouden op de doelstellingen en evoluties, er kan expertise geclaimd worden, interne afstemming, ervaringen van cliënten zichtbaar maken en nog zoveel meer. Slaatje Praatje heeft momenteel bv. geen goed zicht op wie er komt, wie niet, om welke redenen, wat de werking voor de klanten echt verandert. Met behulp van indicatoren kan Slaatje Praatje een beknopte weergave maken van de werking en zo inzicht verschaffen in het behalen van doelstellingen, evoluties, relevante factoren, etc.. Het ‘bewijzen’ van de werkzaamheid van het project kan ook helpen om stakeholders en extra financiering aan te trekken.
Stel dat een in Amsterdam gevestigd bedrijf op een zekere dag in de loop van de ochtend een (kleine)spoedbestelling krijgt van een in Rotterdam gevestigde klant (klant A) en besluit om deze bestellingnog dezelfde middag te leveren. Voordat de hiervoor aangewezen chauffeur is vertrokken, krijgt hetbedrijf vervolgens ook nog een (eveneens kleine) spoedbestelling van een in Utrecht gevestigde klant(klant B). Het bedrijf besluit de leveringen aan deze twee klanten te combineren in één rit. Stel dateen chauffeur met bestelbus het bedrijf € 60,- per uur kost, alsmede dat een rit naar Rotterdam enweer terug 3 uur duurt, een rit naar Utrecht en weer terug 2 uur duurt, terwijl een gecombineerde rit(eerst vanuit Amsterdam naar Rotterdam en vervolgens via Utrecht weer terug naar Amsterdam) 3,5uur duurt. Hoeveel van de gemeenschappelijke kosten (‘common costs’) rekent het bedrijf toe aanklant A indien zij voor het toerekenen van deze kosten de stand-alone kostenallocatiemethodegebruikt?
Upgrade your grade with Knowee
Get personalized homework help. Review tough concepts in more detail, or go deeper into your topic by exploring other relevant questions.